Binnen een straal van 20 meter altijd een bosje
Binnen een straal van 20 meter altijd een bosje
Tonnie van Kessel gelooft niet in subsidies, wel in biodiversiteit. Op zijn eigen bedrijf met 4 ha appels en 3 ha peren probeert hij dingen uit en hij deelt zijn ervaring met collega’s.

Dat deed hij ook tijdens de laatste Demodag op het bedrijf van Toon en Juliëtte Vernooij in Cothen. Juliette organiseerde deze dag omdat zij tijdens haar Nuffield Scholarship ervaarde hoe waardevol het is om met elkaar kennis te delen. Ook deze dag was er interesse van jong tot oud. HAS-studenten die stage liepen, fruittelers en beleidmakers waren afgereisd naar Cothen voor het inspirerende verhaal van Tonnie van Kessel.
Biodiversiteit steeds belangrijker
Tijdens zijn lange loopbaan in de fruitteelt zag hij vele gewasbeschermingsmiddelen verdwijnen. “Altijd hadden we de wetenschap dat er iets anders voor terug kwam. Maar dat is verleden tijd. Er komen geen nieuwe chemische middelen aan.” In combinatie met groene middelen is biodiversiteit op en rond het bedrijf steeds belangrijker.

Kijken naar de geschiedenis
Daarbij refereerde hij ook aan ‘Weerbare teelt – visie Rijksoverheid 2030’. Deze vooruitblik naar 2030 beschrijft drie strategische hoofdlijnen: Weerbare plant- en teelt; Natuur en land- en tuinbouw zijn met elkaar verbonden en gericht op behoud van biodiversiteit en er wordt geteeld nagenoeg zonder emissie en residuen op producten. “We moeten kijken naar de geschiedenis om de toekomst te ontwikkelen. Terugkijken naar de periode voor 1930, voor de ontwikkeling van chemische middelen.”
Oorwormen belangrijk tegen perenbladvlo
Van Kessel sprak over biodiversiteit en Functionele biodiversiteit. Bij het laatste gaat het om alle biodiversiteit op en rondom het bedrijf: bodemleven, nuttige insecten & mijten, kruiden & hagen en microbiologie. Oorwormen zijn belangrijke natuurlijke vijanden van bloedluis en de perenbladvlo. Op sommige percelen komen ze veelvuldig voor, op andere percelen bijna niet. Overzetten van het ene naar het andere perceel is dan een optie. “Het is belangrijk om eerst te analyseren waarom ze op bepaalde percelen niet voorkomen. Vaak is het perceel te nat, springstaarten ontbreken of er is te weinig organische stof.”

Extra organisch materiaal
Verhuizen van oorwormen van percelen met een overschot is volgens Van Kessel goed mogelijk. “Maak dan gebruikt van krantenproppen en zorg voor extra organisch materiaal. Juli en augustus zijn de beste periode.” Het behoud van natuurlijke vijanden in je percelen is volgens Van Kessel erg belangrijk.
Bosje binnen 20 meter
Zelf experimenteerde hij met bosjes in zijn boomgaard. “Ik signaleerde dat de nuttigenuit de windhaag niet veel verder kwamen dan de eerste drie of vier rijen. Die rijen hadden vaak minder problemen door ziekten en plagen. Ik kreeg geen teler zo gek om hagen te planten midden in de boomgaard.” Daarom is hij er zelf mee aan de slag gegaan. Elke zesde rij een bosje van 6 meter tussen de betonpalen. Op die manier is er binnen een straal van 20 meter altijd een haag voor de nuttige insecten. Struiken die in de bosjes voorkomen zijn: de Zwarte Els, Hazelaar, Cornoelje, Beukhaag en Haagbeuk, de boswilg en klimop.
Alternerend maaien
Van Kessel merkte verder nog op dat lieveheersbeestjes, gaasvliegen en zweefvliegen, meer bijdragen aan de bestrijding van plaaginsecten dan veelal gedacht. Bloemstroken zijn een goede voedingsbodem voor deze drie natuurlijke vijanden. Alternerend maaien draagt eraan bij dat niet alle bloemen tegelijk worden weggemaaid en je een habitat overhoudt voor de nuttigen.

Schuilplaatsen
Als laatste noemde Van Kessel het belang van alternatief voedsel. Dit is te vinden in gemengde hagen met een bloeiboog, bloeiende onkruiden en schuilplaatsen zoals snoeiafval en plantenresten. Ook kunstmatige schuilplaatsen zoals tonkinstokken en een insectenhotel, kunnen bijdragen aan een gezond biologisch evenwicht in de boomgaard.
Harde werkers
Tijdens het rondje door de boomgaard van Toon en Juliette Vernooij stond hij even stil bij de aangelegde bosjes. Onder de bomen lag weinig blad. Een goed teken. Dan is het opgeruimd door bodembewoners. Op diverse plaatsen hingen kasten voor metselbijen. Alle bezoekers waren er getuige van dat de metselbijen in- en uitvlogen en dus hard aan het werk waren, terwijl voor de groep de vrijdagmiddagborrel eraan kwam. Een mooi besluit van een informatieve middag.




Menu





















































































